Wanneer je aan de Costa Blanca denkt, denk je misschien als eerste aan zonnige stranden, gezellige boulevards en lange zomeravonden aan zee. Maar deze Spaanse regio heeft nog een heel andere kant. Zodra je de kust achter je laat en richting de bergen rijdt, verandert het landschap. Drukke badplaatsen maken plaats voor kleine dorpen, slingerende wegen en valleien waar het leven een ander tempo lijkt te hebben.
Juist die afwisseling maakt de Costa Blanca zo leuk om te ontdekken. Je kunt de ene dag genieten van de Middellandse Zee en de volgende dag door een historisch bergdorp wandelen, lunchen op een dorpsplein of onderweg stoppen voor een uitzicht over het landschap.
In dit artikel neem ik je mee naar het binnenland van de noordelijke Costa Blanca. Een streek die je uitnodigt om wat verder te kijken dan de bekende kustplaatsen.
Van de kust de bergen in
Het mooie aan de noordelijke Costa Blanca is dat je niet ver hoeft te rijden om in een heel andere omgeving terecht te komen. Achter plaatsen als Jávea, Dénia en Moraira liggen heuvels, bergketens en kleine dorpen die een heel ander beeld van de regio geven.
De wegen voeren je langs wijngaarden, amandelbomen en traditionele huizen. Soms kom je door een dorp waar een paar terrasjes het middelpunt van het leven vormen. Op andere momenten opent het landschap zich en kijk je uit over bergen en groene valleien.
Het binnenland leent zich daarom uitstekend voor een dagje op pad. Je hoeft niet alles vooraf vast te leggen. Kies een paar plaatsen die je wilt bezoeken en laat onderweg ruimte om ergens te stoppen wanneer een uitzicht of dorp je nieuwsgierig maakt.
Guadalest: een dorp hoog tussen de bergen
Een bezoek aan het binnenland is niet compleet zonder El Castell de Guadalest. Dit historische dorp ligt op een rotsachtige hoogte, tussen de bergen van Alicante, en kijkt uit over het bekende stuwmeer van Guadalest.
Het oude centrum bereik je via een doorgang in de rots. Eenmaal binnen wandel je langs smalle straatjes, kleine winkeltjes en historische gebouwen. Boven het dorp liggen de resten van het kasteel van San José, vanwaar je een prachtig uitzicht hebt over het omliggende landschap.
Guadalest is inmiddels een bekende bestemming en kan vooral in het hoogseizoen druk zijn. Toch is het een plek die indruk maakt door de bijzondere ligging en het uitzicht over het meer en de bergen.
Mijn tip: trek niet alleen tijd uit voor het centrum, maar kijk ook even verder dan de winkels en musea. Het landschap rondom Guadalest is minstens zo interessant als het dorp zelf.
Polop: een dorp tegen de heuvels
Wie de drukte van de kust even wil achterlaten, kan ook richting Polop de la Marina rijden. Dit dorp ligt in een heuvelachtig landschap aan de voet van de berg Ponoig, ten noorden van Benidorm.
In het oude centrum wandel je door smalle straatjes met traditionele huizen. Het dorp heeft een historisch karakter en vanaf de hoger gelegen delen kijk je uit over de omgeving. Ook de bekende fontein op het centrale plein is een opvallend herkenningspunt.
Polop is een fijne bestemming om rustig rond te wandelen en je bezoek te combineren met een kop koffie of lunch op een terras. Het hoeft geen uitgebreide dagtocht te zijn: juist een paar uur de tijd nemen om een dorp op je eigen tempo te ontdekken, kan al een leuke afwisseling zijn tijdens een vakantie aan zee.
De vallei van Jalón: wijngaarden en het landelijke leven
Een andere kant van de noordelijke Costa Blanca vind je in de vallei van Jalón, ook bekend onder de Valenciaanse naam Xaló. Deze streek ligt in de Marina Alta en staat onder meer bekend om haar wijngaarden, lokale wijnen en landelijke landschap.
Hier draait het minder om grote bezienswaardigheden en meer om de omgeving zelf. Je rijdt langs heuvels en wijngaarden, komt door kleine dorpen en kunt onderweg stoppen voor een drankje of een lokale specialiteit.
Ook de markt van Jalón is een reden om deze streek te bezoeken. Op zaterdag trekt de markt bezoekers die op zoek zijn naar onder andere antiek en tweedehands vondsten. Het is een leuke manier om een bezoek aan het dorp te combineren met een kijkje in het lokale leven.
In de omgeving liggen bovendien verschillende dorpen en routes die uitnodigen om verder te verkennen. Je kunt er gemakkelijk een ontspannen dag van maken, zonder dat je van de ene grote attractie naar de andere hoeft te rijden.
Het binnenland is ook een bestemming voor natuurliefhebbers
De bergen en valleien rond de noordelijke Costa Blanca bieden volop mogelijkheden voor wie graag buiten is. Je kunt er wandelen, fietsen of simpelweg met de auto een mooie route rijden.
Rondom de vallei van Guadalest liggen verschillende bergketens, waaronder de Sierra de Aitana en de Sierra de Serrella. Het landschap verandert met de seizoenen. In het voorjaar kunnen de amandelbomen bloeien en kleuren delen van de streek wit en lichtroze. In andere perioden zorgen de bergen en de droge, mediterrane begroeiing voor een heel ander uitzicht.
Houd er rekening mee dat wandelroutes in bergachtig gebied sterk kunnen verschillen in lengte en moeilijkheid. Kies een route die bij je conditie past, draag goede schoenen en controleer vooraf de weersomstandigheden.
Je hoeft overigens geen fanatieke wandelaar te zijn om van de natuur te genieten. Soms is een korte wandeling naar een uitzichtpunt of een stop langs een rustige bergweg al genoeg om de omgeving op een andere manier te beleven.
Een dagje binnenland combineren met de kust
Een van de grootste voordelen van de Costa Blanca is dat kust en binnenland relatief dicht bij elkaar liggen. Daardoor hoef je niet te kiezen tussen een strandvakantie en het ontdekken van het Spaanse achterland.
Je kunt bijvoorbeeld 's ochtends door een dorp als Guadalest wandelen en later op de dag terugrijden naar de kust. Of je maakt er juist een langere route van, met een bezoek aan Polop, een lunch onderweg en een stop in de vallei van Jalón op een andere dag.
Mijn advies is om niet te veel plaatsen op één dag te willen bezoeken. De wegen kunnen bochtig zijn en de reistijd loopt soms anders dan je vooraf verwacht. Kies liever twee plekken die je echt wilt zien en neem de tijd om ervan te genieten.
Een huurauto is handig wanneer je verschillende dorpen en uitzichtpunten wilt combineren. Controleer vooraf waar je kunt parkeren en houd er rekening mee dat historische centra soms autovrij of moeilijk toegankelijk zijn.
Wanneer kun je het binnenland van de Costa Blanca het beste bezoeken?
Het binnenland is in verschillende seizoenen een bezoek waard, maar de ervaring kan behoorlijk verschillen.
In het voorjaar is het landschap op veel plekken groener en kun je, afhankelijk van het weer en de bloeiperiode, amandelbloesem zien. Dit is een fijne periode om dorpen te bezoeken en buiten actief te zijn.
In de zomer kan het warm worden, ook in het binnenland. Ga bij voorkeur vroeg op pad, neem voldoende water mee en plan wandelingen niet op het heetste moment van de dag.
In het najaar kun je een bezoek aan het binnenland goed combineren met een vakantie aan de kust. Het is een mooie periode om dorpen te verkennen en onderweg rustig te lunchen.
In de winter kan het aan de kust aangenaam zijn, terwijl het in de bergen frisser is. Controleer daarom altijd de weersverwachting voordat je op pad gaat.
Meer inspiratie voor Spanje? Bekijk ook mijn artikel over de mooiste plekken aan de Costa Brava of ontdek de andere bestemmingen op mijn Spanje-overzichtspagina.